Celebrare la vita

Tussen de bedrijven door, ga ik even op het terras zitten om een sigaretje te roken. Het terras is vol, dus ik schuif aan aan een tafeltje waar een oude man zichtbaar van het voorjaarszonnetje geniet. Ik schat hem een jaar of 80. Wanneer hij ziet dat ik een sigaret opsteek, staat hij met zijn stramme, oude lijf op om de asbak te legen. Ik bedank hem vriendelijk. Hij zegt dat het zulk lekker weer is. Ik vertel hem dat ik weinig Italiaans spreek, maar dat het weer inderdaad heel lekker is. Het is even stil. Hij is inmiddels weer gaan zitten en kijkt me af en toe bewonderend aan. ‘Je bent niet van hier?’ constateert hij. Het is geen vraag waar hij een antwoord op verwacht. Toch vertel ik hem dat ik uit Amsterdam kom en hier werk als au pair. Hij knikt en spreekt langzaam, zodat ik zijn krakende Italiaans kan verstaan.

Dan staat hij weer op. Zijn wandelstok is zijn steun. Hij biedt me een kop koffie aan. Ik sla deze beleefd af, maar hij hoort het niet. Of mijn Italiaans is niet goed genoeg. Of hij is koppig, net als ik. Dus doet hij precies datgene wat hij in zijn hoofd had: koffie halen voor een meisje uit Amsterdam. Met cappuccino voor mij komt hij terug. Zelf heeft hij al genoeg gehad, denk ik. Zijn rimpelige handen trillen, maar dat zal niet van de cafeïne zijn. Hij brabbelt iets, ik versta er niks van. Toch ben ik benieuwd wat deze man te zeggen heeft. Ik open mijn vertaalapp en vraag hem zijn woorden te herhalen. Hij lacht en vertelt nog eens langzaam wat hij zojuist zei. Het komt er op neer dat hij niks van me wilt, maar dat je soms iets liefs moet doen voor de medemens. Ik bedank hem uitvoerig. Verder heeft deze man mij niks meer te zeggen. Dus hij steekt zijn neus in de krant van vandaag. Ik drink zwijgend mijn cappuccino. Hij heeft me geraakt. Recht in mijn hart.

Nu ben ik snel geraakt door oude mensen, omdat ik overmant word door het diepe respect dat ik voel wanneer ik in de gerimpelde gezichten van bejaarden kijk. De groeven geven mij het gevoel dat iemand weet waar hij het over heeft. Natuurlijk is dit onzin en staan rimpels niet gelijk aan wijsheid, maar zo voelt het wel. Na mijn koffie en sigaret ga ik weer naar binnen. Ik zeg hem verlegen gedag en bedank hem nogmaals. ‘Het is niks,’ zegt hij zonder op te kijken van zijn krant. Voor hem is het niks. Voor mij betekent het veel.

Vanmorgen belde ik met mama, ik vertelde haar dat ik qua cultuur heel goed in Italië zou kunnen wonen. De rust die mensen ondanks hun enorme temperament uitstralen, past me goed. Vooral omdat ontspannen niet mijn grootste talent is. Iedereen in het dorp zegt elkaar goedemorgen en goedemiddag. Natuurlijk is Italië in mijn hoofd geromantiseerd, maar het voelt écht zo liefelijk. De mensen zijn relaxed en vriendelijk. Ze maken zich druk om hele kleine dingen, omdat ze zich over de grote dingen niet druk kunnen maken. Ze leven en dat moet gevierd worden. Ze beseffen zich dat het een voorrecht is om te mogen leven. Om te kunnen genieten van een waterige voorjaarszon, gelukkig te zijn met een bord goed eten of een fantastisch glas wijn. Ik kan veel van ze leren en dat doe ik ook. Ik wil ook het leven vieren. Het leven is namelijk best bijzonder mooi. Niet altijd natuurlijk. Zonder schaduw is er geen licht. Zonder pijn geen geluk. Zonder het gevoel van missen, zou je dat wat er wel is niet waarderen.

De bibberige stem van de oude man spookt door mijn hoofd. ‘Het is niks.’

Nou lieve meneer, volgens mij is het alles.

Ciao,

Shawney

🇮🇹❤️

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *