De melancholie van December

Halleluja, wat ben ik een trouwe schrijver…maar niet heus.

Inmiddels zijn de daken wit, de nachten lang en het weer is gewoon ijzig koud. Zo aan het einde van het jaar neemt de melancholiek de overhand. Gewoon omdat dat een beetje bij mij hoort en omdat dit jaar echt ongelooflijk was in vele opzichten. Echt zo eentje voor in de boeken. Want man oh man…

Eind vorig jaar schreef ik in één van mijn eerste blogs:

2018, let’s kick some ass…

En weet je wat het leuke is? 2018 en ik bleken écht best wel een goede match.

In januari leerde ik een fantastisch leuk meisje kennen en na een avond zoenen op de achterbank van haar auto, werd ik (en zij gelukkig ook) tot over mijn oren verliefd. Een aantal weken later kregen we verkering en kuste ik haar gedag. Met vliegangst, een tas vol ellende, maar vooral met goede moed vertrok ik naar het zinderende Bologna om daar de tijd van mijn leven te hebben in een geweldig gezin. Ik heb mezelf daar teruggevonden en daar zal ik hen altijd dankbaar voor zijn. Maar wat ben ik mezelf ook keihard tegengekomen en wat heb ik daar veel van geleerd. Het is echt een tijd die ik voor altijd zal koesteren en ik hoop dat deze fantastische mensen nog lang onderdeel van mijn leven zullen zijn.

Halverwege het jaar ben ik met enorme avonturen en gouden herinneringen weer naar Nederland gevlogen en ik moet zeggen, hier is het ook wel gewoon heel fijn. Ondanks dat ik Italië ontzettend mis, ben ik heel blij dat ik mijn lievelingsmensen weer wat dichterbij heb.

Vooral mijn vriendin heb ik tegenwoordig extreem dichtbij, want sinds drie weken hebben wij samen namelijk een meesterappartement in het prachtige Amersfoort. Ook weer zo’n bizarre wending die 2018 te bieden had. Het is allemaal heel snel gegaan, maar ik ben super blij dat we deze stap samen mogen maken en het is een voorrecht dat we zo snel zo’n mooi huisje hebben toegewezen gekregen. Soms is het nog een beetje wennen aan elkaar en een volle wasmand die niet meer geleegd wordt door onze moeders, maar het is heerlijk om thuis te komen in mijn eigen huis en bij de vrouw waar ik zielsveel van hou.

Ook ben ik vanaf 1 november werkzaam bij een heel toffe nieuwe baan in het centrum van Amsterdam. Ik ben hiermee een ander pad ingeslagen, maar ik heb het echt enorm naar mijn zin en kan hier echt super veel leren. Het team waarin ik terecht ben gekomen, voelt als een warm bad en deze nieuwe doelgroep ligt mij ook goed. Een goede keus geweest om hier te solliciteren dus!

Als ik dit allemaal zo opsom, kan ik niet anders dan concluderen dat 2018 zijn vruchten heeft afgeworpen. Uiteraard heb ik ook nog mijn moeilijke momenten en zijn er altijd dingetjes die in mijn hart en hoofd beter, anders en makkelijker zouden kunnen. Maar ook daar ben ik dit jaar mee aan de slag gegaan. Ik ben trots op mezelf en durf nu te zeggen dat ik vaak écht heel gelukkig ben. Dat voelt fijn om te zeggen, want ik weet dat dingen ook heel anders zijn geweest.

2018 is echt wel het jaar geweest waarin ik tegen een heleboel konten heb geschopt, dus laten we voor 2019 geen nieuwe goede voornemens bedenken, maar gewoon doorgaan met ass kicken!

Ik wil mezelf wel voornemen om in 2019 meer te gaan schrijven, maar ik heb de ervaring dat ik mezelf dat beter niet op kan leggen. I’ll keep you posted, en hoe vaak zien we dan wel weer. Tot snel! Geniet van de melancholische Decemberdagen, dat ga ik ook doen.

Ciao,

Shawney

 

 

 

 

Bijna vakantie

Dan noem je je laatstgeschreven blog ‘Terug van weggeweest’ en schrijf je vervolgens twee hele maanden lang niks meer. Na mezelf even op de vingers te hebben getikt, toch weer even een update.

Ik ben al best een tijdje terug in Nederland en heb achteraf gezien langer de tijd nodig gehad om te acclimatiseren dan ik van tevoren had bedacht. Toegegeven: ik ben denk ik nog steeds een beetje aan het bijkomen van mijn Italiaanse avontuur.

Soms mis ik het, het niks hoeven, de grote zonnige tuin, de veel lekkerdere koffie, het uitslapen, het temperamentvolle gezin, de kindjes die mij leuker vonden dan ze wilden toegeven en de avondvullende diners.

Na mijn thuiskomst ben ik direct weer aan het werk gegaan. Ik ben teruggegaan naar de werkplek waar ik al werkte voor ik wegging en misschien is dat niet zo’n heel goed idee gebleken. Ik ben stapelgek op mijn cliënten en collega’s, maar ik was een klein beetje vergeten hoe ongelukkig ik was voor ik naar Bologna ging. Nu ik terug ben, word ik daar weer mee geconfronteerd. Want ik ben veranderd, ik ben gegroeid, maar daar is alles nog deprimerend hetzelfde.

Ik ben druk aan het solliciteren. Ik wil door, verder, dieper en uitdagender. Mijn huidige sollicitatieprocedure is nog in volle gang, maar uitkijken naar nieuwe dingen voelt heel erg goed. Hoe het allemaal ook loopt, ik geloof weer dat er kansen liggen voor mij.

Na deze week heb ik twee weken vakantie en ik kan echt niet wachten. Ik heb voor deze vakantie een zeer tropische bestemming uitgekozen: het pittoreske Dalfsen is deze nazomer the place to be! Ik hoef niet te vliegen (halleluja), mijn vriendinnetje woont daar (hell yes!), de geur van boerderij is best te pruimen (boerderie voor intimi) en twee weken druk Amsterdam achter mij laten, is meer dan prima! (Daaaaag uitvallende metro’s, domme toeristen en uitlaatgassen!)

Ergens voel ik me schuldig als ik zeg dat ik eraan toe ben, want heb ik niet net vijf maanden vakantie gehad? Als ik er langer over nadenk, neemt mijn schuldgevoel af. Bologna was enerzijds rustgevend en relaxed, maar vakantie was het zeker niet. Ik heb denk ik nog nooit zo hard gewerkt als in die vijf maanden.

Ik heb een tijd geen blogs geschreven, maar het papier is niet geheel onbeschreven gebleven: ik ben bezig met mijn tweede boek. Althans, ik doe mijn best: regelmatig steekt het writersblock zijn kop op. Maar ik moet leren geduldiger te zijn. Inspiratie komt vanzelf en is te vinden in de meest onverwachte momenten.

Ik ben met vlagen intens gelukkig, het grootste deel van de tijd ben ik tevreden, soms komt Mr. Blues even kijken en weet ik het allemaal even niet meer. Maar al met al ben ik denk ik meer mezelf dan ooit tevoren. Tot schrijfs!

Ciao,

Shawney

🇮🇹❤️🇳🇱

Terug van weggeweest

Ik zit bij mijn vriendin in de achtertuin en ik voel me moe maar intens gelukkig. De zon heeft inmiddels plaatsgemaakt voor donkere wolken en regenbuien, maar ik had niet voor altijd het Italiaanse weer in Nederland kunnen houden.

Ruim een week geleden landde ik weer op Hollandse bodem. Vijf maanden Italië zitten erop en ik voel mij misschien wel sterker dan ooit. Wat heb ik onwijs genoten van het land, de mensen en het fantastische gezin waar ik in terecht kwam. Ik kan met recht zeggen dat ik er voor altijd een extra familie bij heb.

Wat heb ik een boel geleerd en overwonnen. Ik denk dat nu ik terug ben, ik pas begin in te zien hoe groot de stappen zijn die ik heb gemaakt.

Vorige week zaterdag vloog ik na een gekke afscheidsweek bij La Famiglia naar Amsterdam. Vliegen zal nooit een hobby of zelfs maar enigszins comfortabel worden, maar duizendmaal dank aan de lieve stewardess die mij op grote hoogte door deze verschrikking sleepte. Ze zag mijn angst, wist mij op miraculeuze wijze zelfs ietwat te kalmeren.

Op Schiphol stond mijn meisje mij al op te wachten en het weerzien was misschien nog wel fijner dan ik van tevoren had kunnen bedenken. Volledig uitgeput, maar ook vol van adrenaline reden we naar huis. De eerste verrassing was dat mama thuis was, ondanks dat ze had gedaan alsof ze moest werken. Ze stond te wachten in mijn nieuwe kamer.

‘s Middags wilde Daphne per se wandelen, ik stemde in, hoe moe ik ook was. We deden een rondje Gaasperplas en toen we weer de straat inliepen, deed ze ineens heel geheimzinnig. Nou, dan moet je net mij hebben…gelukkig kon ik het snel loslaten. Nietsvermoedend ging ik weer de woonkamer binnen en in de tuin zat mijn familie. Daphne moest mijn moeder bellen wanneer we bijna thuis waren.

Mijn broertje, die normaal niet zo spontaan uit de hoek komt, had speciaal voor mij een welkomsfeestje georganiseerd. Ik vond het heel erg fijn om weer herenigd te zijn met ooms, tantes en nichtjes & neefjes. Zelfs voor Aperol Spritz was gezorgd.

De afgelopen week was best hectisch en ik ben misschien nog steeds niet helemaal geacclimatiseerd, maar ik ben zielsgelukkig. Ik mag weer werken op mijn lievelingsplek met de cliënten die ik in januari met pijn in mijn hart achterliet en ik kan eindelijk intens genieten van het verliefd zijn. Mama is weer mijn huisgenoot, vrienden en familie zijn dichtbij en langzaam maar zeker ben ik daadwerkelijk geland in ons koude Kikkerlandje. Ik moet een beetje wennen aan alles, misschien wel het allermeest aan gelukkig zijn, soms vind ik dat nog moeilijk te geloven, maar dat komt goed. Alles schijnt goed te komen. Alles blijkt goed te komen.

Italië heeft mijn hart, voor altijd. Omdat ik daar mezelf terugvond. Maar oh wat is het fijn om weer terug te zijn. Lieve mensen, be prepared: Shawney is terug van weggeweest…

Ciao,

Shawney

🇳🇱🇮🇹❤️

Ciao

Mijn hostouders sturen mij een selfie vanuit de club waar ik vorig weekend nog dronken op Madonna danste. Hoe ze in het LGBT-center beland zijn? Al sla je me dood. Maar hun lachende gezichten spreken boekdelen en ze lijken zielsgelukkig. Ik snap het, De Cassero is fantastisch en ik ken geen plek op aarde waar ze eens in de drie maanden een geheel feest wijden aan The Queen of Pop. Zelf had ik deze keer een minder heftig begin van het weekend en ging met bier en een romantische film in bad.

Mijn laatste weekend hier in Bologna is aangebroken. Volgende week zaterdag om 6:00 uur zal ik terug naar Amsterdam vliegen en is mijn avontuur van vijf maanden voorbij. Hoewel ik ongelooflijk veel zin heb om mijn vriendinnetje in de armen te sluiten, mama te knuffelen, biertjes te drinken met vrienden en gezellig te doen met familie, begint de angst voor het afscheidnemen ook langzaam zijn intreden te maken. Ik kan niet goed omgaan met eindes. Afscheidnemen vind ik het meest verschrikkelijke dat er is. Ik zie deze fantastische mensen als bonusfamilie. Hoe zeg je ze dan ooit gedag?

De zaterdagmiddagtaferelen, de BBQ’s, de rust in de tuin, de prachtige stad en de zangerige taal, ik ga het stiekem eigenlijk ontzettend missen. Ik ben verknocht aan de Italiaanse keuken, het klimaat, de wijn. De blikken die ik met de moeder uitwissel, wanneer de kinderen of manlief vervelend zijn, zijn goud waard. Ik genoot van de bezoekjes aan de bouwmarkt met de vader des huizes, omdat het weer voelde zoals de tripjes die ik met mijn eigen vader maakte. De lachende ogen van de dochter, de armpjes van het zoontje die zich stevig om mijn nek klemmen. Ik hou zielsveel van ze.

Waar ik jaren verdwaald rondliep, vond ik hier mijn thuis weer terug. Niet omdat het hier beter is dan mijn thuis hiervoor. (Alhoewel: wijn, het weer en eten is hier by far beter dan in Nederland…) Maar hier vond ik thuis terug omdat ik ontdekte dat ik nog weet hoe ik gelukkig moet zijn. Ik heb zo ongelooflijk veel geleerd. Over mij, over de wereld, ik had het voor geen goud willen missen.

Soms was het zwaar en wilde ik niets liever dan naar mama of naar Daphne, maar man oh man, wat heb ik het goed getroffen met dit gezin, dit land, deze cultuur. Ik weet dat ik voor altijd een bonusfamilie zal hebben in het zinderende Bologna.

Italianen zeggen ‘ciao’ wanneer ze ergens binnenkomen. Maar Italianen zeggen ook ‘ciao’ wanneer ze ergens weggaan. In het Italiaans bestaat er dus geen échte ‘doei’ en betekent ‘doei’ niets meer en niets minder dan een eigenlijke ‘hoi.’

Zo makkelijk kan afscheidnemen zijn, omdat ik weet dat het geen afscheid voor altijd zal zijn.

Ciao,

Shawney

❤️🇮🇹

Bliksem

Woensdagnacht in Bologna. Acht hoog op een balkon met een panoramisch uitzicht op de stad waar ik mezelf terugvond. Ik drink een koud biertje en rook een sigaret. Ik bevind me in een afterglow van seks, diepgaande gesprekken, lange wandelingen en nachten van weinig slaap.

Mijn meisje slaapt al. Opgekruld ligt ze in een zee van kussens en lakens. Haar schouders licht verbrand, haar haren in de war. Morgen vliegt ze na vijf heerlijke dagen en nachten weer naar huis. De gedachte aan een afscheid maakt me wat melancholiek. Het is voor heel eventjes, maar toch…

Ondanks het gemis op moeilijke, maar ook vooral op mooie dagen, blijf ik bij mijn standpunt: niets zo aantrekkelijk als een vrouw die drie keer naar Italië vliegt, speciaal voor mij. Ik heb van elk moment dat ze hier was intens genoten. De meeste mensen hebben eerst een tijd een relatie voordat ze samen op vakantie gaan, wij doen het gewoon andersom: eerst een paar keer op minivakantie, daarna pas samenzijn in het ‘gewone’ leven.

Afgelopen maandag mocht ik haar meenemen naar mijn Italiaanse familie. De moeder des huizes sloofde zich uit en kookte een heerlijk diner. De vader maakte grapjes zoals alleen hij dat kan en de kinderen waren afwisselend verlegen óf heel erg hyper. Met z’n allen keken we naar de vriendschappelijke wedstrijd Italië – Nederland. Waarschijnlijk de saaiste voetbalwedstrijd van het jaar, maar het was fijn om ze met elkaar kennis te laten maken. Zowel mijn vriendin als La Famiglia hebben een grote rol gespeeld in de afgelopen intense maanden.

Over drieënhalve week zeg ik bruisend Bologna gedag en ga ik na vijf maanden genieten, leren, vallen en opstaan weer terug naar Nederland. Ik heb heel veel zin om weer naar huis te gaan, maar ergens maakt het me ook bang. Het zal nog een hele cultuurshock worden wanneer ik me weer in de gehaaste Amsterdamse straten bevind. Ik heb het gevoel dat ik net een beetje gewend ben aan de Bolognese leefstijl.

In de verte onweert het hard. De bliksemschichten dansen achter de wolken en het is eigenlijk precies zoals mijn leven een ommekeer maakte toen ik in het vliegtuig naar Bologna stapte: er was gedonder in mijn hart en hoofd. Nu is er ook nog ergens wel gedonder en soms sta ik middenin die storm. Maar op veel momenten kan ik er van een afstand naar kijken en genieten van fenomenale lichtflitsen.

Ciao,

Shawney ❤️🇮🇹

Zomerse dagen

Wanneer de prachtigste zomerdagen voelen alsof er storm op komst is, weet je dat het mis is. Ken je dat gevoel? Dat je ‘s ochtends wakker wordt en dat je lamgeslagen hoopt dat ‘s nachts de wereld is vergaan, zodat je je bed niet uit hoeft? Dat je vurig wenst dat als je dan met pijn en moeite de gordijnen opent, niets anders zichtbaar is dan een grote zwarte aswolk, zodat het uitzicht buiten in overeenstemming zou zijn met wat vanbinnen voelbaar is? Het gebeurde niet. De wereld verging niet. Elke dag ging de zon weer op. Scheen ze weer. Soms verlegen verscholen achter grijze regenwolken, maar nooit zo zwart als de wolk in mijn hoofd. De wereld stopte niet. Sterker nog, ze leek sneller te draaien dan normaal. Ik hield haar niet bij. Ik had de energie niet om haar bij te houden.

Voor ik naar Italië vertrok, keek ik de wereld in met een zwarte, soms donkergrijze bril. Letterlijk alles was teveel. Te pijnlijk. Te zwaar. Als ik wakker werd, voelde ik direct dat weeïge gevoel in mijn maag. Ik wilde niks. Maar je moet dingen. Je moet werken, daten, drinken, dansen, kletsen. Dat is gedrag dat hoort bij gezonde jonge vrouwen. Ik sleepte mezelf onder de douche en deed meestal wat er van mij werd verwacht. Maar Jezus Christus, wat was ik ongelukkig. Het leven voelde gevaarlijk. Geen reëel gevaar. Geen écht gevaar. Maar ik voelde hoe het op loer lag.

Ik verslond psychologen, maar niets leek écht te helpen. Wanneer je als mens in staat van gevaar verkeerd, heb je gezien ons instinct feitelijk drie opties: vechten, bevriezen of vluchten. De eerste maanden probeerde ik te vechten tegen de donder in mijn hart en hoofd, maar dat was tevergeefs en bovenal veel te uitputtend.

Toen ik besefte dat er iets echt niet goed was, bevroor ik. Ik ontkende, ondermijnde en onderschatte alles. Ik lag verslagen ‘s avonds in bed te checken of mijn hart nog klopte. Huilde mezelf in slaap. Ook bevriezen had geen zin.

Na maanden van rouw, liefdesverdriet, stress, spanning, paniek en frustratie, besloot ik dat vluchten het laatste redmiddel zou zijn. Dus ik ging. Ik ging naar Italië met een koffer vol shit. Ik ontmoette nieuwe mensen, leerde een nieuwe taal, verdwaalde in een nieuwe stad en zag nieuwe beren op een weg die ik nooit eerder bewandelde. Vluchten van een depressie is simpelweg onmogelijk. Het is niet iets waar je zomaar voor weg kunt rennen. Want hoe harder je rent, hoe sneller je weer onderuit gaat.

Maar vluchten geeft wel ademruimte. Het geeft de rust om met andere ogen naar dezelfde problemen te kijken. En die rust is precies wat ik nodig had om te kunnen beseffen dat ik ook nog wist hoe het voelt om gelukkig te zijn. Ik kan niet zeggen dat ik niet meer depressief ben, domweg omdat dat niet zo is. Omdat ik soms dezelfde zwarte wolk zie en voel.

Alleen omdat ik heb mogen ervaren dat pijn niet voor altijd hoeft te zijn, zijn dingen behapbaar. Ik heb geleerd dat ik sterker ben dan ik dacht. Dat ik alleen mijn wereld aan kan. Ik leerde dat ik degene ben die mezelf kan redden en dat niemand anders dat voor je doet.

Ik heb weer mogen ervaren dat zomerse dagen soms ook gewoon voelen als zomerse dagen en dat zelfs in de zwaarste stormen, ergens op aarde nog een zonnetje haar best doet.

Ciao,

Shawney

❤️🇮🇹

Grote kleine kindjes

Dag knap Italiaans jochie, met je grote mond en brutale blauwe ogen. Je hoeft nog niet groot te zijn. Daar heb je straks nog alle tijd voor…

Het zesjarige jongetje dat de afgelopen maanden mijn hart gestolen heeft, maar ook maakte dat ik gefrustreerd mijn nagels afbeet, staat met zijn kleine kindervoet aan de bal. Hij is aan het voetballen met de ‘grote’ jongens. Stoer staat hij met zijn handen in zijn zij en even straalt hij uit dat de wereld van hem is. Vanaf dag één dat ik hem zag, benijd ik hem om zijn overvloedige dapperheid. Zijn stoere houding is van korte duur, binnen luttele seconden is de bal al van hem afgepakt.

De jongens schieten hard en soms een tikkeltje gemeen de bal naar elkaar. Het jochie rent fanatiek heen en weer en wanneer de bal per ongeluk voor zijn voeten rolt, schiet hij in zijn enthousiasme de verkeerde kant op. De groten lachen hem een beetje uit, maar het jochie heeft dat gelukkig niet in de gaten. Zo gaat het een aantal minuten. De grote jongens voetballen en het jochie denkt dat hij meedoet.

Na een tijdje zie ik het gebeuren: de bal vliegt keihard rakelings langs het jochie zijn gezicht. Uit schrik laat hij zich op de grond vallen. Hij huilt en blijft met zijn handen op zijn hoofd op de grond zitten. Ik wandel naar hem toe en help hem overeind. ‘Misschien ben je nog een klein beetje te klein om met hun mee te spelen,’ probeer ik. Hij kijkt me boos aan en ik zet mijn liefste glimlach op. ‘Zij zijn al een stuk groter dan jij en ze schieten soms nogal hard,’ ga ik mijn verhaal verder.

‘Ik ben ook groot,’ roept hij dan en hij rolt met zijn ogen alsof ik hem net heb verteld dat ik eigenlijk op de maan woon. Achter ons beginnen de grote jongens te rennen, het kleine grote jochie springt op en rent erachteraan. ‘Kijk dan Shawney, ik ren net zo snel.’ Ik lach hem bemoedigend toe. Wie ben ik eigenlijk om een jongetje te vertellen dat hij nog te klein is?

Halverwege de weg naar huis, stopt hij ineens met rennen. Hij knielt in het gras bij een bosje madeliefjes en plukt er drie. Met een scheve lach loopt hij naar me toe en geeft mij er één. ‘Voor jou één, voor mama één en voor mijn zus één.’ Ik bedank hem en steek het bloemetje in mijn haar. Hij glimlacht tevreden en laat zijn kleine handje in de mijne glijden. Zo lopen we in het zonnetje naar huis. De grote jongens zijn in geen velden of wegen te bekennen. Ik ben blij dat hij nog geen echte grote jongen is.

Het tafereel maakte me wat melancholiek. Het deed me denken aan toen ik klein was en zo ontzettend graag groot wilde zijn. Ik kan mij er nu nog weinig bij voorstellen, omdat ik soms juist snak naar nog heel eventjes zes kunnen zijn. Dat kleine meisje dat nog ergens in mij schuilt, ik mis haar soms. De grotemensenwereld, ik pas er minder goed dan ik als zesjarige dacht. Maar gelukkig zijn er dan van die grote kleine jongens, die je weer even meenemen naar dat stukje onbevangenheid.

Ciao,

Shawney

❤️🇮🇹

Italiaanse verrassing

Drie weken voordat ik naar Italië vloog, ontmoette ik een meisje waar ik kneiterverliefd op werd. We dateten erop los, zoenden, lachten, huilden en kletsten en de dag voor ik vertrok, vroeg ik haar verkering.

Verliefd zijn is misschien wel het allerlekkerste gevoel dat er is. Maar als je graag bij elkaar wilt zijn en je zit 1200 kilometer verderop in een Italiaans dorpje, kan het weleens heel frustrerend zijn. Onze liefde is pril en pas net begonnen, maar het voelt super fijn.

Omdat ik via Greetz nogal wat kaartjes verstuurde naar vrienden en familie, stuitte ik op een oproep waarin stond dat je iemand kon verrassen. Ik zag mijn kans schoon om mijn vriendinnetje even in het zonnetje te zetten, dus vulde ik het formulier in. Zoals wel vaker het geval, werd mijn verhaal eruit gepikt en werd de verrassing op touw gezet!

Op een zaterdagmiddag stond er een cameraploeg met fles limoncello en een kaart bij Daphne voor de deur in het prachtige Dalfsen. Ze wist van niks en was met recht overvallen. Na het bezoek belde ze me en toen ik opnam kwam, alvorens ze mij bedankte, een scheldkanonnade. ‘Kutwijf,’ zo luidde.

Van je vriendin moet je het hebben! 😉

Limoncello is mijn lievelings, dus nu moet ze wachten tot ik terug ben voor ze ‘m open mag maken.

Het filmpje van deze Special Delivery Vlog vind je hier!

Ciao,

Shawney

🇮🇹❤️

Distant lover

Het afgelopen weekend brak ik mijn Italië-avontuur in tweeën. Ik ben op de helft! Of ik ‘pas’ of ‘al’ op de helft ben, verschilt van dag tot dag. Het ene moment heb ik enorme heimwee en mag het van mij wel al eind juli zijn, maar het andere moment vind ik dat de tijd behoorlijk vliegt, dan voelt het als de dag van gister dat ik in mijn eentje het vliegtuig instapte.

Zaterdagavond haalde ik Daphne van het vliegveld. Het was heerlijk om haar weer te kunnen kussen en de dagen met haar in Bologna waren onbeschrijfelijk fijn. We slenterden door de stad en dronken wijn op het balkon. We huilden en lachten. We probeerden te ontsnappen aan de hordes mensen in de stad en lunchten in het park. Ondanks dat ik maar acht kilometer van mijn tijdelijke huis was, voelde het als vakantie.

Het weekend vloog veel te snel voorbij en dinsdagochtend was mijn vriendinnetje weer als sneeuw voor de Italiaanse zon verdwenen. Terug naar het koude Nederland. Het voelt gek om haar dan weer los te laten. Het duurt niet heel lang voordat ik haar weer zie, maar toch.

Uiteraard vind ik het idee dat een vrouw speciaal voor mij een aantal keer naar Bologna vliegt, mega aantrekkelijk, toch zou ik het niemand aanraden om stapelverliefd te worden twee weken voordat je een halfjaar zo’n 1200 kilometer verderop gaat wonen. Het is soms krankzinnig ingewikkeld om elkaar alleen via het scherm van een telefoon te zien. Maar look at the bright side: straks stelt de afstand Amsterdam-Dalfsen niks meer voor.

Mijn avontuur is in tweeën gehakt en de komende maanden zullen waarschijnlijk makkelijker worden dan de afgelopen drie. Het wordt zomer, er komen nog heel veel vrienden en familie over en ik word zelf met de dag sterker. Het is nu al een avontuur dat ik voor geen goud had willen missen. Het is de beste beslissing geweest die ik ooit heb gemaakt en dit zal ik de rest van mijn leven met me meedragen.

Ciao,

Shawney

❤️🇮🇹

Let’s get lost

Niets is zo fijn als verdwalen in een mooie stad. Vooral als je onderweg ook nog eens fijne plekjes en mensen ontdekt die je anders nooit gevonden zou hebben.

De eerste weken hier verdwaalde ik vaak en veel. Google Maps was mijn beste vriend wanneer ik écht even niet meer wist waar mijn bus stopte. In de veronderstelling dat Meneer Google mij de snelste, meest effectieve en beste weg toonde, beleefde ik de straten van Bologna. Ik raakte verzeild in gesprekken over leven, liefde en een God waar ik niet in geloof.

Oudere mannen dongen naar mijn hand, Afrikanen probeerden mij spuuglelijke armbandjes te verkopen en God’s woord wordt verkondigd aan een ieder die wilt luisteren. Ook als je niet wilt luisteren trouwens. Het leven is interessanter als je zo af en toe verdwaalt.

Verdwalen is ontsnappen aan een realiteit waar soms geen ontkomen aan lijkt. Pas wanneer je helemaal de grip op de realiteit kwijtraakt, wordt verdwalen echt eng. Tot die tijd is het alleen maar spannend. En: (nu quote ik mijn tante) ‘spannend is alleen maar heel erg leuk’.

Ik kan in van alles verdwalen. Mooie ogen, een goed boek. Ik dwaal graag af, soms dichtbij en soms ver. Muziek, films, seks, lieve mensen en goede gesprekken. Fijne manieren om even aan het leven te ontsnappen. Maar: het meest bevredigende aan verdwalen is misschien ook juist wel het moment dat je de juiste weg weer hebt gevonden.

Voor ik naar Italië ging, was ik écht verdwaald. Niet het spannende verdwaald, maar die enge variant. Verdwaald in het leven, zonder enige grip op realiteit. Ik was bang, doodsbang. Bang voor alles. Ik wilde me verstoppen onder een berg van dekens. Er waren dagen dat ik nauwelijks in staat was mijn bed uit te komen. Soms sleepte ik me huilend naar mijn werk. Naar Italië gaan voelde als laatste redmiddel. Nog steeds ben ik iedere dag, als ik mij in het Italiaanse leven bevind, vervuld met trots. Want ondanks de angst voor alles, ging ik gewoon. En ik ben er nog, misschien wel sterker dan ooit.

Een aantal weken geleden wist ik even niet meer welke kant ik op moest. Mijn grote vriend Google wees me de weg, maar ik vertrouwde hem niet. Dus ik klikte hem weg en ging exact de andere kant op. Ik voelde me ietwat rebels. Ik ging precies doen wat er in de huid van mijn linkerpols staat gegraveerd: afgaan op mijn eigen intuïtie. Ik wandelde en wandelde, de zon op mijn blote armen schijnend. Na verloop van tijd kwam ik aan op de plaats van bestemming. Zonder hulp van interactieve kaarten en apps. Gewoon omdat ik de stad inmiddels ken. Omdat ik mezelf vertrouwde.

Misschien zijn de laatste twee woorden hierboven wel de allerbelangrijkste les die ik hier leerde en nog steeds elke dag een beetje meer leer. Mezelf vertrouwen. Want als je jezelf vertrouwt, is verdwalen nog veel leuker.

Ciao,

Shawney

❤️🇮🇹